Johann Sebastian Bach - Toccaten & Suiten am Clavichord vol. 1

Johann Sebastian Bach - Toccaten & Suiten am Clavichord vol. 1

15,00 € 15.0 EUR

15,00 €

Voeg toe aan mandje


Johann Sebastian Bach - Toccaten & Suiten am Clavichord vol. 1

Peter Waldner

Johann Sebastian Bach

"Adlung" Clavichord n° 50 Joris Potvlieghe 2018

CD / Track Luister Track name Track artist Componist
1 / 1
Toccata, C min, BWV 911 Johann Sebastian Bach
1 / 2
Französische Suite 2, C min, BWV 813 / 1 Allemande Johann Sebastian Bach
1 / 3
Französische Suite 2, C min, BWV 813 / 2 Courante Johann Sebastian Bach
1 / 4
Französische Suite 2, C min, BWV 813 / 3 Sarabande Johann Sebastian Bach
1 / 5
Französische Suite 2, C min, BWV 813 / 4 Air Johann Sebastian Bach
1 / 6
Französische Suite 2, C min, BWV 813 / 5 Menuet 1 + 2 Johann Sebastian Bach
1 / 7
Französische Suite 2, C min, BWV 813 / 6 Gigue Johann Sebastian Bach
1 / 8
Toccata, D min, BWV 913 Johann Sebastian Bach
1 / 9
Sonata, D min, BWV 964 / 1 Adagio Johann Sebastian Bach
1 / 10
Sonata, D min, BWV 964 / 2 Fuge Johann Sebastian Bach
1 / 11
Sonata, D min, BWV 964 / 3 Andante Johann Sebastian Bach
1 / 12
Sonata, D min, BWV 964 / 4 Allegro Johann Sebastian Bach
1 / 13
Toccata, G Maj, BWV 916 Johann Sebastian Bach

 

 
 

“Am liebsten spielte er auf dem Clavichord”, schreef de eerste Bachbiograaf Johann Nicolaus Forkel. Het instrumentarium van Bach is helaas niet bewaard gebleven waardoor we ons moeten beroepen op 18de eeuwse bronnen om het belang van clavichord in Bachs leven te reconstrueren. Even belangrijk is het status quo van het clavichord ten tijde van J.S. Bach. Een belangrijke bron -die tot op heden over het hoofd werd gezien- is Musica Mechanica Organoedi, te schrift gesteld door Jacob Adlung in 1726 en postuum gepubliceerd in Berlijn (1768). De chronologische verschuiving door de postume uitgave heeft geleid tot een ernstige misvatting over de ontwikkelingsfase van het clavichord in de directe omgeving van J.S. Bach. Jacob Adlung, leerling van organist en klavierinstrumentenbouwer Johann Nicolaus Bach in Jena, beschrijft over maar liefst 20 blz. het clavichord in al zijn details. Dit is de uitgangsbasis geworden voor een reconstructie van een clavichord zoals J.S. Bach het zou kunnen gekend hebben. Jena ligt op slecht 20 km van Weimar waar Bach en zijn achterneef Johann Gottfried Walther actief waren. De relatie Nicolaus Bach - Jacob Adlung – Gottfried Walther – J.S. Bach ligt voor de hand. 

Naast bouwtechnische informatie beschrijft Jacob Adlung ook klankeigenschappen. Zo lezen we in §585 over een bas met volle klank die naar de diskant toe steeds delicater wordt en een lange naklank heeft. “Da man nun auf Clavieren den Baß gerne pompicht und völlig hat, die obern Oktaven aber nach und nach delicater und harfenmäßig,...”. De clavichorden klinken sterk en tegelijk liefelijk en zangerig. (§582: “Ein Clavichord soll stark klingen, jedoch aber nicht so pochend, sondern lieblich, auf Harfenart. Es soll auch lieblich und lange nachsingen...”). Over een zangerige klank spreekt ook Johann Mattheson in 1713: “Ouverturen, Sonaten, Toccaten, Suiten, &c. werden am besten und reinlichsten auff einem guten Clavicordio herausgebracht/ als woselbst man die Sing-Art viel deutlicher/... ausdrücken kan.” Even later in het voorwoord van J.S. Bach’s Inventionen: “Auffrichtige Anleitung/ Wormit Denen Liebhabern des Clavires [...] am allermeisten aber eine cantable Art im Spielen zu erlangen [...]”. Het woord klavier was een verzamelnaam voor klavierinstrumenten maar betekende in de eerste plaats ‘clavichord’, aldus Jacob Adlung in 1758.

Het clavichord op deze opname is een voorontwerp op basis van de beschrijving van Jacob Adlung. De maateenheden van het clavichord gaan terug op een 18de eeuws meetsysteem met voet- & duimmaten. Via de toepassing van het twaalfdelig stelsel worden delingen en verhoudingen gebruikt die aansluiten op de klassieke proportieleer. Het clavichord meet 5 1⁄2 bij 1 1⁄2 voet (lengte x breedte). De tessituur van GG – d”’ beslaat een omvang die J.S. Bach gebruikt voor de Partita’s (Clavier Übung I, 1726-1731) en in de lijn ligt van Jacob Adlungs beschrijving.

Dit ontwerp willen een studie maken van het vroege 18de eeuwse clavichord in Saksen-Thüringen (Duitsland) dat zich in de loop van J.S. Bach’s leven steeds duidelijker emancipeerde. De appreciatie voor de expressieve kwaliteiten van het clavichord (Mattheson, 1713; Johann Kuhnau 1717) leidde tot een ontwikkeling die parallel liep met de exploitatie van ver afgelegen toonsoorten (Johann Caspar Ferdinand Fischer, 1702) en aangepaste stemsystemen (Werckmeister Orgelprobe 1698, Neidthardt 1732). Het clavichord werd daarom ongebonden (voorwoord Johann Speth, 1693) en verwierf een nieuwe status, het werd meer en meer als zelfstandig instrument gewaardeerd in het muziekleven en verliet zijn 17de eeuwse functie als “oefeninstrument” voor de organist. Het eenvoudige en goedkope klavierinstrument in ‘arte povera’-stijl (E.L.Kottick, 1993) ontwikkelde zich tot rijk versierde clavichorden met gebruik van edele houtsoorten en kostbare materialen als schildpadbeleg, ivoor en parelmoer.

Het ongebonden ‘Adlung’-clavichord dat voor deze opname gebruikt werd is gemaakt van massief notenhout, heeft toetsbeleg van been en heeft een rozet in de zangbodem van perkament. Het werd in 2018 gebouwd als n° 50 door Joris Potvlieghe in Tollembeek (België).

Joris Potvlieghe

Odoo - Voorbeeld 2 voor drie kolommen


Peter Waldner is actief als klavecinist, organist, klavichordist, fortepiano-speler, dirigent, musicoloog en specialist voor historische klavierinstrumenten en oude muziek.

Hij werd geboren in Mals im Vinschgau (Zuid-Tirol) en ging naar de Tiroler Landeskonservatorium waar hij studeerde bij Reinhard Jaud en Bojidar Noev. Tegelijkertijd studeerde hij musicologie en Duitse taal- en letterkunde aan de universiteit van Innsbruck. Met de hulp van de Tiroolse regering specialiseerde hij zich in de interpretatie van oude muziek op historische klavierinstrumenten en studeerde hij bij Gustav Leonhardt, Hans van Nieuwkoop en Kees van Houten in Nederland, William Christie in Parijs en Jean-Claude Zehnder aan de ‘Schola Cantorum’ in Bazel. Hij gaf talrijke concerten in bijna alle Europese landen, evenals veel radio-opnamen en cd’s.

Sinds 1988 is Peter Waldner organist in de Pfarrkirche Mariahilf in Innsbruck en geeft hij les in klavecimbel, orgel en continuospel in het Tiroler Landeskonservatorium. Als artistiek directeur van de concertserie “Innsbrucker Abendmusik” richtte hij in 2002 het Tiroolse ensemble voor oude muziek “vita & anima” op, waarmee hij een breed scala aan concert heeft gerealiseerd.

Hij heeft regelmatig samengewerkt met de belangrijke Europese oude muziekensembles. Jarenlang was het belangrijkste aandachtspunt van zijn muzikale activiteit het werk van Johann Sebastian Bach.

In 1989 ontving Peter Waldner een beurs van Bösendorfer, Wenen, in 1991 de Muziekprijs van de Tiroler Sparkassen en in 1994 de Jacob Stainer Prijs van Tirol voor zijn prestaties in de interpretatie van oude muziek.

Odoo CMS - een grote afbeelding
Odoo CMS - een grote afbeelding
Odoo CMS - een grote afbeelding